Omgaan met aanvallen

Wat kan je doen, moet je doen en moet je echt niet doen bij een epileptische aanval. 

Eerste Hulp Bij Aanvallen

Bij een epilepsieaanval is het inroepen van medische hulp meestal niet nodig. De aanval houdt vaak binnen enkele minuten vanzelf op. Zeker als die persoon al bekend is met epilepsie.

Bel pas 112 als de aanval langer duurt dan 5 minuten of hij/zij niet meer niet meer bij bewustzijn komt of de aanval zicht herhaalt.

Als algemeen advies geldt bij een zogenaamde ‘grote aanval’ (tonisch-clonische aanval):

  • Rustig blijven en wachten tot de aanval voorbij is.
  • Zorg dat de persoon zich niet kan bezeren bij wilde bewegingen.
  • Stop nooit iets in de mond of tussen de tanden. Bloed in de mond komt vaak door een beet op de tong. Dit is verder niet gevaarlijk.
  • Probeer bewegingen niet ‘in bedwang’ te houden.
  • Verplaats de persoon niet gedurende de aanval, tenzijn zijn of haar veiligheid in gevaar is, zoals in de buurt van een drukke weg of een heet fornuis.
  • Leg eventueel een deken of jasje onder iemands hoofd en maak knellende kleding los.
  • Door de patiënt in de stabiele zijligging te leggen, met het hoofd iets naar achteren, voorkomt u dat er speeksel in de luchtpijp komt.
  • Probeer het hoofd zo neer te leggen dat het speeksel weg kan lopen.
  • Zorg dat hij/zij ook na de aanval op de zij blijft liggen (stabiele zijligging). Ook na de aanval bestaat nl. het risico van verslikken.
  • Geef om dezelfde reden ook niet direct na een tonisch-clonische aanval iets te eten of te drinken.
  • Kijk of de persoon in kwestie een SOS-hulpmiddel bij zich draagt voor mogelijke instructie of contactadressen.
  • Praat rustig met de persoon tot hij of zij hersteld is.
  • Wikkel eventueel een redddingsdeken om de persoon na de aanval.

Meer informatie

https://www.epilepsie.nl/over-epilepsie/pagina/36-2/eerste-hulp/

Complex partiële aanval

Bij een complex partiële aanval is de persoon niet helemaal bij bewustzijn. Er kunnen uiteenlopende verschijnselen optreden, zoals smakken, wriemelen met de vingers en/of doelloos rondlopen. Omdat het bewustzijn verlaagd is kan iemand zichzelf in gevaar brengen, bijvoorbeeld door de straat over te steken.

Houdt iemand niet tegen of pak hem of haar niet vast. Dit kan men verkeerd opvatten. Probeer hem of haar met zachte hand bij het gevaar weg te houden of weg te geleiden. Soms reageren ze wel op praten.

Tijd bijhouden

Van belang is dat je in de gaten houdt hoe lang de aanval duurt zodat je dit door kunt geven aan de hulpverleners. Sommige aanvallen kunnen wel een paar minuten duren, andere aanvallen duren maar enkele seconden. Bij sommige mensen kan een tonisch-clonische aanval lang aanhouden. De persoon in kwestie komt dan in ademnood en loopt blauw aan. Dan kan het noodzakelijk zijn de aanval(len) met noodmedicatie te stoppen. Dat wordt couperen genoemd.

Na de aanval

Soms is iemand na een aanval niet meteen helemaal hersteld. Hij/zij is dan verward, heeft hoofdpijn, of gedraagt zich niet normaal, is soms zelfs agressief. Dit worden post-ictale verschijnselen genoemd. Dit kan voor misverstanden zorgen. Voor ‘de buitenwereld’ is de aanval immers voorbij.Na een aanval is iemand dus niet altijd meteen weer ‘zichzelf’. Blijf er bij, geef hem of haar de gelegenheid om in rust en veiligheid te herstellen.

SOS hulpmiddelen

SOS-hulpmiddelen kunnen nuttig zijn. Goed zichtbare of vindbare medische – en identiteitsgegevens kunnen er voor zorgen dat jij in geval van een aanval zo goed mogelijk wordt geholpen door omstanders.