Wisselen

Voor de behandeling van epilepsie kan je arts nieuwe medicijnen voorschrijven. Maar het kan (helaas) ook voorkomen dat je via de apotheek medicijnen krijgt  onder een andere naam dan je gewent wat. 

Apothekers wijken regelmatig af van het recept van de dokter; zij geven dan goedkopere, merkloze medicijnen aan de klant in plaats van de medicijnen die . klant normaal kreeg. Oorzaak hiervan is het preferentiebeleid van de zorgverzekeraars.
Veel apothekers vragen daarvoor zelden toestemming aan arts en patiënt, terwijl de richtlijnen van de branchevereniging van apothekers, de KNMP, ze daartoe wel verplichten. Artsen zeggen dat het wisselen van medicijnen bij sommige patiënten ernstige medische complicaties kan veroorzaken*.  De KNMP, erkent dit probleem en zegt dat apothekers zó onder druk staan van het preferentiebeleid van de zorgverzekeraars, dat ze tot dit soort ongeoorloofde wisselingen overgaan.

Preferentiebeleid

Om de kosten van dure medicijnen in de hand te houden, hanteren sinds 2008 de zorgverzekeraars het zogenoemde preferentiebeleid. Dit betekent dat van veel medicijnen alleen de goedkoopste variant, wel met dezelfde werkzame stof, wordt vergoed.
Voor de patiënt betekent dit dat hij bij de apotheek niet zijn vertrouwde doosje mee krijgt maar pillen in een andere kleur en vorm en in een andere verpakking. Komt een patiënt met een recept met een duur merkmedicijn, dan zal de apotheker dat niet snel meegeven.

Preferentie betekent letterlijk voorkeur. Preferentiebeleid is een beleid dat wordt gevoerd door individuele zorgverzekeraars om de kosten van de verstrekking van de door de zorgverzekeraar te vergoeden geneesmiddelen in de hand te houden.

* De documentaire ‘Ellende op recept’ (Zembla, 2012), waaraan de EVN intensief meewerkte, schetst een helder beeld van de gevolgen van het preferentiebeleid van zorgverzekeraars.

Medische noodzaak

Door het meewerken aan de documentaire heeft de EVN belang van continuïteit van ingezette medicatie op de kaart gezet en hebben we bereikt dat substitutie door zowel de artsen als de apothekers (Liga en KNMP) wordt afgewezen.

Soms is het gebruik van het preferente middel voor een patiënt niet medisch verantwoord. In artikel 2.8 van het Besluit Zorgverzekering is vastgelegd dat de zorgverzekeraar dan een niet-preferent middel moet vergoeden. Artsen maken dit duidelijk door ‘medische noodzaak’ (‘MN’) op het recept te vermelden. Zorgverzekeraars moeten zelf controleren of er inderdaad sprake is van medische noodzaak en kunnen vragen om aanvullende informatie.

Tekstwijziging of aanvulling voorstellen


Tekstsuggestie maken