Diagnose

Aan de hand van het verhaal en de bevindingen bij het neurologisch onderzoek kan de kinderneuroloog vermoeden dat er sprake is van een benigne rolandische epilepsie. Met behulp van een EEG kan deze diagnose bevestigd worden.

Op het EEG worden bij kinderen met een benigne rolandisch epilepsie typische afwijkingen gezien die bestaan uit piekjes in bepaalde hersengebieden (centertemporale gebieden genoemd). Deze EEG afwijkingen in combinatie met het verhaal bevestigen de diagnose benigne rolandische epilepsie.

Wanneer een gewoon EEG geen afwijkingen laat zien kan een EEG gemaakt worden na een nacht waarin het kind veel minder dan gewoonlijk heeft mogen slapen.

Ga naar Behandeling »

Deze pagina delen