Status epilepticus

Status epilepticus

Als een epileptische aanval langer duurt dan 30 minuten of wanneer de patiënt tijdens de aanvallen niet meer bij bewustzijn komt, is er sprake van status epilepticus. Tegenwoordig spreken we bij aanvallen die met spiertrekkingen gepaard gaan al na vijf minuten van een ‘dreigende’ status epilepticus. Op dat moment moet u al ingrijpen en proberen de aanval te stoppen. Een status epilepticus kan levensbedreigend zijn.

Non-convulsieve status epilepticus (NCSE)(schemertoestand)

Non-convulsief betekent dat er geen spiertrekkingen (convulsies) zijn. Bij een NCSE heeft het kind meestal een mengbeeld van absences, atone aanvallen, tonische aanvallen en myoclonieën. Het bewustzijn is daarbij vaak sterk verlaagd. Daarom wordt het ook wel schemertoestand genoemd. Het kind is traag, maar niet volledig buiten bewustzijn. Er is geen goed contact mogelijk.

Het komt ook voor dat een dergelijke status bestaat uit voornamelijk atypische absences met bijvoorbeeld slechts een enkele spierschok. Dan kan het moeilijk zijn om de status te herkennen zonder dat er gelijktijdig een EEG wordt gemaakt.

Ga verder naar aanvallen stoppen »

Deze pagina delen