Syndromen

Bij een epilepsiesyndroom gaan epileptische aanvallen samen met andere verschijnselen. Door de kenmerken van de epilepsie bij een patiënt in kaart te brengen, probeert de arts bij iedere patiënt te komen tot de diagnose van een bepaald syndroom. Dat vergemakkelijkt de keuze van de geschikte behandeling en maakt het ook beter te voorspellen hoe de aandoening zal evolueren.

Voor lang niet alle mensen met epilepsie kan even gemakkelijk worden vastgesteld welk syndroom ze hebben. Sommigen hebben een paar kenmerken van het ene syndroom en een paar van een ander. Er kunnen jaren overheen gaan om tot de juiste diagnose te komen. Bovendien zijn er ook syndromen die later overgaan in andere syndromen of epilepsievormen.

Kenmerken epilepsiesyndromen

  • het soort aanval: partiëel (focaal) of gegeneraliseerd
  • het EEG-beeld
  • de leeftijd waarop het syndroom ontstond
  • de oorzaak: bijvoorbeeld erfelijk, hersentrauma
  • andere aandoeningen die in verband staan met de epilepsie: bijvoorbeeld psychische stoornissen, leerstoornissen
  • de prognose: hoe evolueert dat type epilepsie?
  • de behandeling: wat is de efficiëntste behandeling bij dat type epilepsie?

De meest voorkomende (kinder)epilepsiesyndromen

De volgende syndromen vindt op deze website onder Ouders.

  • Rolandische epilepsie
  • Absence epilepsie
  • Juveniele myoclonische epilepsie

De volgende syndromen vindt u op deze website onder EpilepsiePlus.

  • West syndroom
  • Lennox Gastaut syndroom
  • Dravet syndroom
  • Doose syndroom
  • CSWS of ESES
  • Landau Kleffner syndroom
  • Othahara syndroom
  • Aïcardi syndroom

Deze pagina delen