Substitutie anti-epileptica

Visie EVN substitutie »

Apothekers wijken regelmatig af van het recept van de dokter; zij geven dan goedkopere, merkloze medicijnen aan de klant. De  documentaire ‘Ellende op recept’ (Zembla, 2012), waaraan de EVN intensief meewerkte, schetst een helder beeld van de gevolgen van het preferentiebeleid van zorgverzekeraars.

Bekijk de uitzending »

Hieronder staat een samenvatting van de uitzending van de Zembla-redactie.

Preferentiebeleid leidt tot ongeoorloofd wisselen van medicijnen

Apothekers wijken regelmatig af van het recept van de dokter en vragen daarvoor zelden toestemming aan arts en patiënt, terwijl de richtlijnen van de branchevereniging van apothekers, de KNMP, ze daartoe wel verplichten. Artsen zeggen dat het wisselen van medicijnen bij sommige patiënten ernstige medische complicaties kan veroorzaken. Dit blijkt uit onderzoek van ZEMBLA in de uitzending ‘Ellende op recept’. De KNMP, erkent dit probleem en zegt dat apothekers zó onder druk staan van het preferentiebeleid van de zorgverzekeraars, dat ze tot dit soort ongeoorloofde wisselingen overgaan.

Preferentie betekent letterlijk voorkeur.  Preferentiebeleid is een beleid dat wordt gevoerd door individuele zorgverzekeraars om de kosten van de verstrekking van de door de zorgverzekeraar te vergoeden geneesmiddelen in de hand te houden.
Lees meer over preferentiebeleid »

Preferentiebeleid

Om de kosten van dure medicijnen in de hand te houden, hanteren sinds 2008 de vier grote zorgverzekeraars (VGZ, Achmea, Menzis, CZ) het zogenoemde preferentiebeleid. Dit betekent dat van veel medicijnen alleen de goedkoopste variant, wel met dezelfde werkzame stof, wordt vergoed.

Voor de patiënt betekent dit dat hij bij de apotheek niet zijn vertrouwde doosje mee krijgt maar pillen in een andere kleur en vorm en in een andere verpakking. Komt een patiënt met een recept met een duur merkmedicijn, dan zal de apotheker dat niet snel meegeven.

Duivels dilemma

Apotheker J. Oomen zegt daarover in ZEMBLA dat de zorgplicht die hij wettelijk heeft in het geding is. Hij zegt dat hij patiënten die zich bij hem aanmelden en dure merkgeneesmiddelen gebruiken, niet zonder meer accepteert omdat hij die van de zorgverzekeraar niet geheel vergoed krijgt en ze dan zelf moet bijbetalen: “Ik moet de mensen helpen, ik heb zelfs zorgplicht. Maar ik heb ook een bedrijf”, aldus Oomen.

Ernstige complicaties

Voor bijvoorbeeld epilepsie en psychiatrisch patiënten of mensen met een donor-orgaan kan het wisselen van merkmedicijn naar goedkoop medicijn ernstige complicaties veroorzaken, zo blijkt uit ZEMBLA. Epilepsiepatiënten kunnen een aanval krijgen, en donor organen kunnen bij verandering van medicatie afgestoten worden.

Richtlijnen

Daarom staat in de richtlijnen van branchevereniging van apothekers, de KNMP, dat apothekers bij het wisselen van medicatie verplicht zijn toestemming te vragen aan arts en patiënt. In ZEMBLA blijkt dat veel apothekers zich daar niet aan houden.

Macht van de zorgverzekeraar

Apotheker R. Bax vertelt dat hij een epilepsiepatiënt toch een ander middel heeft meegegeven omdat de zorgverzekeraar VGZ waarmee hij een contract heeft, wil dat de patiënt minstens één keer een goedkoop middel dient te proberen. Het beleid van de zorgverzekeraar weegt hier voor hem zwaarder dan zijn eigen apothekersrichtlijn.

De KNMP, de branchevereniging van apothekers, erkent dit probleem en zegt dat apothekers zó onder druk staan door het preferentiebeleid van de zorgverzekeraars, dat ze tot dit soort ongeoorloofde wisselingen overgaan.

Dhr. P. Haarbosch, bestuurslid van de KNMP, zegt dat apothekers in tweestrijd zijn: ”Ga ik uit eigen zak bijbetalen, of stuur ik die patiënt met een goedkoper generiek naar huis”.

Haarbosch zegt over de handelswijze van de apothekers: “Ik kan niet goedpraten dat collega’s zich niet aan de richtlijnen houden. Maar ik probeer wel uit te leggen dat wij als maatschappij inmiddels met elkaar zover zijn, dat die apotheker voor een duivels dilemma geplaatst wordt: “De apotheker wil zorg verlenen en niet met z’n andere oog in zijn portemonnee moeten kijken.”

Niet wisselen

Neuroloog G.J. de Haan, voorzitter van de Liga tegen Epilepsie Nederland, pleit in ZEMBLA ervoor dat bij epilepsiepatiënten die aanvalsvrij zijn niet gewisseld wordt van medicatie. In zijn praktijk heeft hij patiënten die na een ongeoorloofde wissel weer terugvallen en daardoor hun baan en rijbewijs kwijt raken.

Samenstelling en regie: Dirk Mostert
Research: Hans van Dijk
Eindredactie: Manon Blaas


Substitueren anti-epileptica kan gevaarlijk zijn

Nieuwsbericht EVN website, 20 januari 2011

Het omzetten van anti-epileptica kan de behandeling van patiënten in gevaar brengen. Dat stellen de belangenorganisaties binnen de epilepsiezorg en de KNMP in een gezamenlijke verklaring.

Het komt steeds vaker voor dat epilepsiepatiënten een ander geneesmiddel krijgen dan zij gewend zijn. Dit komt doordat apothekers hun geneesmiddel substitueren, veelal in opdracht van het preferentiebeleid van de zorgverzekeraar.

Een succesvolle behandeling van epilepsiepatiënten staat of valt echter met continuïteit van farmaceutische zorg – zowel in samenstelling, merk, fabrikant als toedieningsvorm. Wisselingen van geneesmiddelen kunnen leiden tot aanvallen, met grote gevolgen voor de patiënt en voor de samenleving.

De Nederlandse Liga tegen Epilepsie, de Epilepsie Vereniging Nederland, het Nationaal Epilepsie Fonds en de KNMP pleiten er daarom voor de geneesmiddelen voor epilepsiepatiënten niet te substitueren. De kostenbesparing van het wisselen van medicatie weegt volgens de partijen niet op tegen de hoge kosten voor de patiënten en de samenleving bij een doorbraak van aanvallen.

De belangenorganisaties binnen de epilepsiezorg zijn in onderhandeling met zorgverzekeraars over het verwijderen van anti-epileptica uit het preferentiebeleid. De KNMP steunt deze onderhandelingen.

Deze pagina delen