Resultaten

In Nederland worden per jaar ongeveer 80 operaties uitgevoerd, waarvan 40 tot 45 bij kinderen. De resultaten zijn over het algemeen goed te noemen, maar hangen samen met de oorzaak en locatie van de epilepsie.

Bij de operatie waarbij een deel weggenomen wordt in de slaapkwab zijn de resultaten zeer goed, 80% van de mensen wordt aanvalsvrij. De resultaten van ingrepen in andere hersengebieden zijn vaak iets minder goed, maar nog altijd blijft 40-50% aanvalsvrij. Daarnaast zal een groot deel van de mensen minder aanvallen hebben.

De ervaring leert dat het verdwijnen of verminderen van de aanvallen niet altijd leidt tot een betere kwaliteit van leven; dit verschilt van persoon tot persoon. Het blijkt dat veel mensen moeite hebben om, zelfs na een geslaagde operatie, een ´nieuw´ leven op te bouwen. Vaak is dit echter een tijdelijk probleem.

Het is belangrijk om te weten dat een operatie geen vervanging is voor anti-epileptica. Zeker de eerste tijd zult u de medicijnen moeten blijven gebruiken, het verschil met vóór de operatie is dat de medicijnen nu meer effect hebben. Als u enkele jaren aanvalsvrij blijft (afhankelijk van de soort epilepsie en of u direct na de operatie aanvalsvrij bent) kan geprobeerd worden om zoveel mogelijk medicatie af te bouwen. Dit lukt bij ongeveer 1/3 van de geopereerden, 1/3 bouwt liever niet af omdat men het risico om opnieuw aanvallen te krijgen wil vermijden en bij 1/3 is bij voorbaat al duidelijk dat zij na de operatie nooit kunnen stoppen met medicatie, ook niet als zij aanvalsvrij zijn.

Bij een aanhoudende epilepsie die een behoorlijk negatieve invloed heeft op de levenskwaliteit zou al in de loop van 1 à 2 jaar na het begin van de epilepsie gekeken kunnen worden of een operatie haalbaar is. Bij kinderen geldt dit nog meer omdat zij nog ´in de groei´ zijn en door de epilepsie in hun ontwikkeling geremd kunnen worden. Bovendien bestaat vooral bij jonge kinderen de bijzondere mogelijkheid van compensatie: omdat de hersenen nog in ontwikkeling zijn, kan een ander gebied van de hersenen de taken van het verwijderde gebied soms overnemen.

Risico’s en complicaties

Elke operatie brengt risico´s met zich mee, zo ook een hersenoperatie. Dit leidt in 1% van alle gevallen tot ernstige problemen. U moet dan denken aan blijvende geheugen- of taalproblemen of aan verlamming. Minder ernstige complicaties zijn tijdelijke depressiviteit, tijdelijke veranderingen in het gevoelsleven en tijdelijke gedragsstoornissen. Ook controleverlies over de ledematen wordt genoemd. Dit is afhankelijk van de plaats in de hersenen waar de ingreep plaatsvindt. Verder kan aan één kant uw gezichtsveld iets verkleind worden. U ziet wel scherp, maar aan de buiten- en bovenkant van één oog valt een stukje van het normale beeld weg. Dit is niet te voorkomen, maar het levert u in het dagelijkse leven meestal geen beperkingen op. Mogelijke psychiatrische complicaties na de operatie kunnen zijn: depressie, huilerigheid, en psychose. Een slaapkwaboperatie geeft een verhoogde kans op een depressie. Maar ook het hebben van chronische epilepsie kan een oorzaak zijn van psychische stoornissen zoals een psychose, een depressie, angst of psychogene aanvallen. De complicaties kunnen over het algemeen met succes behandeld worden.

Ga naar Voor wie? »

Deze pagina delen